|
Mark Oomen
Ik kwam voor het eerst in aanraking met capoeira toen ik nog op het Roland Holst College, de middelbare school, in Hilversum zat. Een goede vriend van mij (Thomas) was bevriend met een aantal gasten - Gosto (Bouke), Perfeição (Roderick) en Papagaio (Folkert) - die aan capoeira deden. Ik leerde het een beetje kennen door filmpjes die ze hadden gemaakt en die Thomas me op internet had laten zien. Ook leerde ik Bouke en Roderick zelf een beetje kennen via Thomas. Zij vertelden me meer over capoeira en nodigden me uit om een keertje te komen trainen. Ook al trok het me heel erg, deed ik het echter nog niet omdat ik destijds nog vrij intensief voetbalde.
Het moment dat ik pas echt in aanraking kwam met capoeira was toen we
op het Roland Holst, in het kader van L.O. (gym), een blok
sportoriëntatie moesten volgen. Dit hield in dat je uit een lijst met
'aparte' sporten er eentje moest uitkiezen, waar je dan vervolgens drie
gastlessen in zou krijgen. Capoeira stond er ook bij en de keuze was
voor mij dus snel gemaakt. De lessen werden gegeven door Urso (Rudi) in
de gymzaal van het Roland Holst en bij de eerste les was ik gelijk al
verkocht. De muziek, de bewegingen en het plezier en de energie die
erbij kwamen kijken fascineerden me. Urso vertelde me over de lessen
bij het Annie M.G. Schmidt-gebouw en gaf me zijn nummer. Maar weer deed
ik er niets mee. Ik zat er wel over te denken om misschien naast
voetbal, één keer in de week bij Urso te gaan trainen, maar ik dacht
dat het qua inspanning en spierpijn niet met voetbal te combineren
viel.
Na nóg twee seizoenen voetbal was de maat echt vol. Ik had het helemaal
gehad met voetbal en capoeira lonkte. Het werd me allemaal wat
makkelijker gemaakt doordat ons team ook helemaal uit elkaar viel. In
de zomer van 2006 ben ik een paar keer met Gaspard en Pieter, die toen
nog trainden, meegegaan naar het Annie M.G. Schmidt-gebouw. Dat was
eigenlijk heel apart: zij stopten allebei na die zomer en ik ging vanaf
september/oktober twee keer per week trainen. De batizado van 2006 heb
ik helaas niet meegedaan omdat ik niet kon. Het jaar daarop, oktober
2007, was mijn eerste batizado. Ik kreeg het wit-gele koord en kort na
de batizado ook mijn apelido: Tocador. Ik was en ben nog steeds heel
dankbaar voor deze naam en ik denk dat hij ook goed bij me past. Muziek
(maken) is een heel groot deel van mijn leven en ik ben altijd
nieuwsgierig en leergierig om weer nieuwe dingen te leren qua muziek.
Ik vind ook dat muziek heel belangrijk is in capoeira. De muziek draagt
de energie, de axé, en bepaalt ook het spel van de roda en de stijl die
gespeeld wordt.
Momenteel ben ik ook gedwongen om me qua capoeira te richten om muziek.
Ïk ben onlangs geopereerd aan een liesbreuk en ik mag nog zeker een
tijdje niet intensief trainen. Ik ben nu dus meer bezig met muziek,
maar ook met de geschiedenis van capoeira. Net als de muziek is de
geschiedenis van capoeira denk ik ook een onmisbaar element. Heel veel
liedjes bevatten ook verwijzingen naar vroeger: naar de plantages waar
slaven op werkten, naar het Afrikaanse verleden van de slaven of naar
de havens van Bahia, waar ook veel capoeira gespeeld werd. En dan is er
ook nog de vraag hoe capoeira precies ontstaan is. Was het al in Afrika
ver ontwikkeld en door de slaven meegenomen naar Brazilië, of is het
pas op de plantages echt ontstaan? Deze vragen vind ik heel interessant
en ik ben nu een aantal boeken aan het lezen om hier meer over te weten
te komen.
Zodoende leer je ook beter begrijpen wat capoeria voor mensen betekent.
Voor mij betekent het in ieder geval heel veel en ik kan het ook
eigenlijk niet meer missen. Als ik een tijdje niet geweest ben en ik
kom weer terug, dan bevestigt dat meteen weer dat het zo belangrijk is.
Dan heb ik de energie, de muziek gemist, maar het meest misschien nog
wel de anderen. Want ik kan niet anders dan me ook aansluiten bij wat
eerder al gezegd is: we zijn een grote familie. Jong en oud, maakt niet
uit, iedereen hoort erbij en gaat gewoon heel goed en relaxed met
elkaar om. Het klinkt misschien cliché, maar tijdens de trainingen
vergeet je gewoon je zorgen. Je bent er dan met elkaar en daar gaat het
om. Iedereen bedankt voor jullie vriendschap en axé. Mogen we nog lang
met elkaar 'jogar e cantar'!
"Capoeira é tudo que a boca come" - Mestre Pastinha
Axé!
Tocador
|